Digitale time-out?

Toob is op vakantie geweest in het mooie Italië en vraagt na terugkeer op LinkedIn wie voorstander is van een digitale time-out. Hij niet en ik ook niet. Ik ben juist blij met alles wat het Internet mij brengt! Zelfs mijn partner heb ik via dit medium gevonden! Via FaceTime voerden wij onze eerste gesprekken.

Ingewikkelde inlogprocedures om mijn werkmail te checken zijn niet nodig. Gewoon op de iPhone kan ik mijn klanten even snel antwoord geven. Of ze vertellen dat ik op vakantie ben en ze naar een collega verwijzen. De out-of-office staat aan, maar even een persoonlijk berichtje vind ik veel leuker!

Mijn collega’s appen. Meestal niet nodig, maar als iedereen daarna weer verder kan; kleine moeite hoor.

Onder het genot van een vrolijke cappuccino maken we een moodboard op Pinterest voor een romantisch overdekt terras bij het vakantiehuis in Molise. We vinden er tips en recepten. Ik leer er Italiaans!

Zonder me een breuk te sjouwen heb ik een stapel dikke boeken bij me op de e-reader.

Tripadvisor brengt ons bij de pittoreske restaurantjes waar we heerlijk eten. Wat een handige uitvinding! Zelf posten we natuurlijk ook recensies.

Ik vind het leuk om via Facebook mijn belevenissen te delen. En ja… het is allemaal moois wat je ziet. Soms hoor ik iemand die het raar vind dat ik dat doe. Dat kan. We zijn niet allemaal hetzelfde. Even goede vrienden. Facebook kent verschillende instellingen zodat je kunt bepalen van wie je veel of juist weinig wilt zien. En Instagram heb ik ook… maar ik ben van de Facebookgeneratie.

Mijn foto’s gaan in de Dropbox. En hier maak ik een uitzondering; ik print een album via Albelli. Elk jaar een fotoboek waarin alle belevenissen zijn vastgelegd. Zo heb ik al een hele stapel jaarboeken.

Greetz… zo makkelijk om even kaartje te sturen! Er kan zelfs een cadeautje bij! Verder houden wij het weer goed in de gaten, weten we welke route we het beste kunnen nemen, welke supermarkt op zondag open is, waar een leuk dorpsfeest is en waar je het lekkerste ijsje koopt. Google onthoudt waar de auto staat geparkeerd en hoe we er weer thuis komen.

Als de vakantie voorbij is vind ik mijn ticket in de KLM-app en daar zie ik ook of mijn vlucht op tijd vertrekt.

En Toob… die kwam ik in Italië nog digitaal tegen op Twitter! Hij in Puglia en ik in Molise.

Advertenties
Geplaatst in Van belevenissen onderweg | 1 reactie

gedichtje

Afbeelding | Geplaatst op door | Een reactie plaatsen

Een roos, de liefde en een gele prullenbak

Ik ga hardlopen. Een rondje plas is 4 km.

Van een afstandje zie ik ze staan. Hooguit 15 jaar. Beiden met hun fiets in de ene hand en elkaar in de andere. Ze geven elkaar een kus. Het ziet er lief uit. Ze stappen op de fiets en gaan ieder een andere kant op. Als haar blik de mijne kruist glimlach ik naar haar. Ik hou van de liefde. Ze lacht terug. Of toch niet?

Hij stopt bij een bankje. Als ik hem passeer zie ik dat hij een rode roos in een stukje aluminiumfolie in zijn hand heeft. Hoezo heeft HIJ die roos??? Hij hangt met fiets en al tegen het bankje. Er staat een gele prullenbak naast. Ik ren voorbij…

Het zit me niet lekker. Ik ren ruim twee kilometer en besluit dat als ik nu omkeer er ook 4 km op de teller staat.

Hij hangt er nog. De roos?

Als ik naast hem ga zitten moet ik even uithijgen. Hij zucht ook.

“Is ’t uit?” vraag ik.

“Geloof het wel” zegt hij.

“Balen?”

“Nahhh…”

Stilte.

“Ik ga weer. Sterkte.”

“Bedankt hè.”

*zucht*

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | 2 reacties

Oei ik snoei!

De zon schijnt, het regent op z’n Hollands en mijn tuin groeit. Planten en bomen vechten om de beste plek. Aan alle kanten ontsnappen takken over de schutting. Het recht van overpad is opgeëist door mijn groen.

Dus ik snoei. Snoeien is leuk! Het lijkt een beetje op het werk van de kapper. Knipje hier, grote knak daar. De tuin vult de groene bak en er valt weer licht op het grind.

Af en toe kijk ik van een afstandje of ik een beetje recht ga. oei ik snoei
En bij afwijkingen knip ik gerust nog een laagje dieper.
Zo nu en dan zie ik gaten vallen in het groen en kijk dan
recht op het binnenwerk van de struik. Oeps… een blote Esdoorn!

Snoeikalender? Matcht niet met mijn agenda. Ik snoei vandaag. Alles! De enige beperking is mijn container.

Buurtjes! Jullie kunnen weer langs mijn huis fietsen zonder te worden gevangen door de Clematis.

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | Tags: , , , , , , | 4 reacties

Wisselende contacten

Stewardess met passie
(Amsterdam- Bologna)

Ze is lang en slank. Haar golvende blonde haar keurig opgestoken tot een perfecte chaos. Het blauw van de KLM staat haar fantastisch!

Als we allemaal zitten heet ze ons in twee talen welkom en ze meent het echt. Haar ogen stralen. Ze vindt haar werk leuk. En ons ook!

Als ze ons vertelt hoe we zo veilig mogelijk kunnen neerstorten hangen we allemaal aan haar lippen. Quasi nonchalant accepteert ze onze blikken.

Haar collega is een donkere versie van haarzelf. Ze hebben plezier met elkaar. Op een of andere manier stelt me dat gerust. Samen zorgen ze ervoor dat we niet van honger en dorst omkomen.

Als we landen nemen we hartelijk afscheid van elkaar.  Zou ze er op de terugweg weer zijn?

Voetbalpraat
(Bologna- Amsterdam)

Hij komt telefonerend het vliegtuig binnen en hij ratelt nog als we al bijna vertrekken. Bij heeft een enthousiast Amsterdams accent.  Het gaat over voetbal. Niet gewoon over Ajax of Feijenoord. Het gaat over loeigoeie jonge spelers. Die ene moet nog 17 worden maar wordt een héle grote. Hij kent er trouwens veel. Allemaal jongens die heel goed zijn. Een jongen uit Ecuador, onthoudt die naam!

Ik word vrolijk van zijn gesprek. Over alles en iedereen is hij positief. Hij praat honderduit.

En dan hangt hij op. Zijn maat zit aan de andere kant van het gangpad en vraagt: heb je gevraagd of hij het contract klaar heeft? En hij antwoord: “Ging niet, ik kreeg er geen woord tussen.”

Kaassalade lust hij niet. Is er niks anders? De stewardess gaat kijken of er nog iets is blijven liggen van de heenreis en komt terug met een plak cake. Hij vindt het maar zozo. Dat snap ik niet. Daarnet nog vertelde hij dat hij Frequent Flyer Platinum is. Dan heb je toch heel wat broodjes kaassalade  aangeboden gekregen.

Daarna komen er grote namen voorbij. En roddels. Mooie carrière. Vrouw zich doodgezopen. Zelfmoord gepleegd. Is van zijn vriendin af. Doet het met de vrouw van. Is miljonair.

Ik doe maar geen namen.

 

Emigreren
(Eindhoven-Bologna)

Veel te vroeg ben ik op luchthaven Eindhoven. Ik verwacht dat er na de security wel leuke winkeltjes zijn, maar dat valt tegen. Dus trakteer ik mijzelf op een Latte Macchiato XL en zoek een hangplek in de overvolle wachtruimte. Tegenover een goedverzorgde grijze meneer neem ik plaats. We begroeten elkaar en we staren voor onszelf uit. Dát kan gezelliger!

Ik vraag de man waar hij heen gaat. “Alicante”. Geen tegenvraag. Ik begin maar over het weer daar. Het is er vast beter dan in Eindhoven… “vast”.

Dat schiet niet op. “Hoor ik daar een Fries accent?” Bingo! Meneer komt uit Drachten! En dan is het ijs gebroken. Hij gaat misschien wel in Alicante wonen. Hij is gepensioneerd en heeft de afgelopen jaren voor zijn moeder gezorgd. Nu zij een jaar geleden is overleden trekt hij de wijde wereld in. Hij heeft er vrienden en spreekt Spaans. Als hij zo aan het kletsen is lijkt het emigreren mij een juiste beslissing voor hem. Nu nog een mooi huis. Hij wil wel aan zee.

Mijn vliegtuig vertrekt eerder dan dat van hem en ik neem afscheid. We wensen elkaar een goede reis. Vanuit mijn rij zie ik hem lezen. Ik gun hem gelukkige jaren.

Snot en een groene broek
(Bologna-Amsterdam)

Het land is een mengeling van Disney en een servies vanimg_2019 Marjolein Bastin. Vuurvliegjes. Klaprozen langs de randen van de weg. Olijven en Prosecco. Over de bergen een Patchworkwerk van duizend fluwelen lapjes in ’t groen. De zon en de liefde.

Ik vlieg weer naar Nederland. Hij zit er al als ik naast hem ga zitten. Het geluid van een flinke verkoudheid maakt me ongerust. Daar zit ik nou net niet op te wachten. Zijn armen heeft hij breeduit op de leuningen verankerd. Hij zit in mijn ei. En waarschijnlijk ook in de space van zijn andere buurvrouw. Ik weet niet wat zij doet maar ik wil mijn ruimte terug. Ik recht mijn rug en sla mijn benen zodanig over elkaar dat de boodschap duidelijk is. Hij snapt het.

De KLM trakteert op boterhammen met kaasalade. En net als ik een hap wil nemen snuit hij zijn neus. Ik heb visioenen van brood met groene klodders. Laat maar. Heeft u ook koffie?

Als hij niest veegt hij zijn handen af aan zijn broek. Miljoenen bacillen vliegen door de cabine. Ik houd mijn adem in. Misschien heeft hij zo hard geniest dat de beestjes pas twee rijen verder neerdalen. Hij heeft een groene broek aan. Dat is wel handig.

De stakker heeft het koud en trekt zijn jas aan. Ellebogen vliegen rond. Ik ontwijk een mouw. Nu hij zijn handen vol heeft aan zijn jas kan hij zijn neus niet snuiten. Een smeuïge haal met rochel is het resultaat. Hij heeft weer lucht en zijn jas aan.

De zakdoeken raken vol. Gelukkig vindt hij af en toe een droog hoekje. En de rest kan aan de broek.

Ik ben blij dat we landen. Zou ik morgen mijn groene broek aanmoeten?

Hugo
(Eindhoven- Bologna)

In het vliegtuig neemt een jonge man naast mij plaats. Hij heeft lang slierterig haar en zo’n spijkerbroek met gaten. Hij heeft een open blik.

Nog voor we de lucht in gaan weet ik dat hij filosofie en sociologie studeert in Amsterdam. Bijna afgestudeerd trouwens. Zijn scriptie gaat over “tijd”. En als hij erover vertelt word ik pas echt enthousiast. We filosoferen over het thema en hij vertelt me over de regels van filosofie. Wat een leuk gesprek ontstaat er. Of ik ga stemmen op 15 maart. En dus hebben we het over politiek. Het verbaast me dat onze politieke voorkeuren niet eens zo heel erg veel verschillen. Hoe stemt Nederland? We zijn pro Europa. Hoe komt het toch dat de PVV zoveel aanhang heeft, dat Trump president van Amerika is?

Hij is niet van de social media. Ai, ik kan hem dus niet makkelijk googelen. Maar hij wil toch mijn kaartje. En hij belooft op LinkedIn te gaan. Voor mij!

Als mijn oren me zeggen dat we aan het dalen zijn kan ik het bijna niet geloven. De “tijd” is voorbij gevlogen!  Dankjewel Hugo!

Een snurkert
(Bologna -Amsterdam)

Maandagochtend heel vroeg. Een vliegtuig vol zakenmannen gaat richting een nieuwe werkweek in Nederland. En ik…

Hij gaat naast me zitten en keurt me geen blik waardig. Dat belooft een rustige vlucht te worden.

We volgen de bewegingen van de stewardess die haar veiligheidsdansje doet en dan gaan we de lucht in. Het gezoem van de motor maak slaperig.

De gezelligert naast me snurkt. Hij knikkebolt wat om vervolgens langzaam mijn kant op
te zakken. Ik vind het zó grappig dat ik er stiekem een foto van maak.

Dubbele boeking
(Pescara- Weeze)

Drie stoelen op rij. Ik zit bij het raam. Dat is fijn want ik kan nog steeds als een kind genieten van het fantastische uitzicht.

Het vliegtuig vult zich. Een jonge vrouw waarvan ik hoop dat ze twéé stoelen heeft geboekt nestelt zich op de stoel aan het gangpad. Ze trekt een oranje extra seatbelt uit haar tas en bevestigt deze aan de gewone stoelriem. Jeetje… Ik wil niet naar haar kijken. Er schieten gedachten door mijn hoofd: Hoe zou ze het zelf vinden om op deze manier aandacht te trekken? Hoe komt ze zo omvangrijk? Oordeel ik? Is ze sympathiek? Ze lacht wel vriendelijk. Heb ik met haar te doen?

De vliegtuigdeur sluit en er komt niemand meer binnen. Gelukkig maar want het had echt niet gepast.

Stoere dame
(Amsterdam- Bologna)

Haar vriendin woont al een paar jaar in Italië. Ze mist haar. En nu haar man is overleden heeft ze de stoute schoenen aangetrokken en een reisje naar de vriendschap en de zon geboekt. Of ik dat niet stoer vind. Haar kinderen hebben haar gewaarschuwd voor zakkenrollers, terroristen en zielige zwerfhondjes. Maar ze is geen watje hoor.

Dat ze nog nooit heeft gevlogen maakt niet uit. Het is net als met de bus. Kaartje kopen en gaan zitten.

We taxiën naar de startbaan. En dan geeft de piloot gas om op te stijgen.

Ze pakt vlug mijn hand en knijpt erin. Om hem even later weer los te laten. “Stoer he?” zegt ze. En ik knik. Ik vind haar stoer.

 

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | Tags: , , , | 2 reacties

Onbekende beller

Omdat het alleen in Nederland Hemelvaartsdag is en de rest van de wereld werkt neem ik keurig de telefoon aan. Aan de andere kant een wat oudere stem met een lekker Leids accent.

“Dag mevrouw, weet u of vandaag de Media Markt in Alphen aan den Rijn open is?”

Ik ben er even stil van en zeg: “Ik heb geen idee, maar waarom belt u mij????”

“Nou mevrouw, ik ben 75 en ik heb het telefoonboek gepakt en een nummer in Alphen aan den Rijn gebeld.”

Ik vind dat grappig en opper dat ze de informatie waarschijnlijk op het Internet wel kan vinden.

“Ik heb geen internet mevrouw. Dat snap ik allemaal niet”.

Ik zoek het voor haar op en kan haar vertellen dat de Mediamarkt vandaag van 12.00 uur tot 17.00 uur is geopend.

“Mevrouw, dank u wel!!! Ik ben hartstikke blij. En ik denk dat u mij nooit meer vergeet.”

Dat klopt. En mijn dag is helemaal goed.

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | 1 reactie

Marco

Past een vriendschap wel op één A-4-tje?Marco

We hebben dagelijks contact. De buurman en ik.

Een jaar of zes geleden leerde ik je kennen als fervente twitteraar. En we twitterden wat af in die tijd. Jij was vol van het “twitteraar van het jaar” event en ik vond het fascinerend. We zagen elkaar voor het eerst op een “tweet-up”. In Alle Hens zaten we met een paar mensen bij elkaar die elkaar alleen kenden van het heen en weer sturen ven 140 tekens. Ik was bovendien de enige vrouw en ik voelde me enigszins ongemakkelijk.

We bleven twitteren en zagen elkaar in die eerste periode niet zo veel.

Tot we elkaar op een datingsite tegenkwamen. Zonder dat er een liefdesmatch was vonden we elkaar in het delen van ervaringen op het liefdespad. We ontdekten dat we slechts een paar kilometer van elkaar vandaan woonden en zo ontstond onze buurman-buurvrouw-relatie.  We gingen uit eten en bij elkaar op de koffie. Over en weer. En er groeide een liefdevolle vriendschappelijke band.

Alles deelden we. Als ik een date had wist jij waar ik uithing en met wie. Vervolgens wat er wel of niet gebeurde en als ik het even niet meer zag zitten motiveerde je me om toch ook vooral lol te maken. En vice versa. In ons contact leerde ik niet alleen jou beter kennen maar ook mezelf. Ik noemde je wel eens gekscherend mijn beste vriendin.

Je vertelde over COPD. Maar je hield je ook groot. Vond dat je mensen niet lastig moest vallen met je sores. Dus ging je mee naar het tuincentrum en stond erop dat jij het karretje duwde. Dat je zónder die kar de zaak niet doorkwam vertelde je toen nog niet.

Jij was zó attent. Toen we ons tegen Valentijnsdag zorgen maakten of de post het wel aan zou kunnen; al die kaarten en cadeaus, zorgde jij ervoor dat er een grote bos bloemen voor mijn deur stond toen ik thuiskwam.

Op 3 mei zitten we aan mijn eettafel. Thee met aardbeien en verhalen. Ik ben vol van mijn nieuwe cabrio en jij legt me uit hoe de 4-cilinder-in-line-motor werkt. Dat doet je als een volleerd docent. Jouw kennis en enthousiasme maken dat ik aan je lippen hang.

En dan vraag ik: En nou jij! Hoe gaat het nou met jou? Je hebt dan net het COPD-programma in Leiden afgerond. Wat je dan zegt staat in mijn geheugen gegrift.

“Ik stop ermee”.
Waarmee? Vraag ik argwanend en tegen beter weten in.
En dan valt het gevreesde woord “euthanasie”.

Je hebt het helemaal voorbereid. Aan alles gedacht. Aan Berend en Olivier. Aan Lili en Gemmy. Aan Pluk.

Ik ben dankbaar voor alles wat we tot op vandaag hadden. Ik twijfel niet aan jouw keuze. Ik snap het zeker. Het wordt niet beter.

Maar mijn hemel wat zal ik je missen.

*Marco is overleden op 25 juli 2016.
http://www.marcosimons.nl

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | 4 reacties

Bob

AsielHet verbaast me hoe schoon en licht het er is: Dierenasiel Alphen aan den Rijn. Ik dacht altijd dat dieren in het asiel zielig waren en een beetje vies. Wát een foute aanname! De fris wit geschilderde wanden maken de ruimtes licht en omdat de mandjes en dekentjes allemaal een felle aqua-kleur hebben ziet het er overzichtelijk uit.

Bobbie ligt in zijn blauwe bakje en als we binnenkomen komt hij meteen naar me toe. We kroelen wat en dan krijg ik de andere ruimtes met beschikbare katten te zien. Wat een mooie lieve katten allemaal. De een wat voorzichtiger dan de ander, maar allemaal rustig en vriendelijk. Ze lopen er los en kunnen naar buiten.

“Ik kan niet kiezen”, zeg ik tegen de medewerkster.

Dan komen we weer terug in de eerste ruimte en begroet Bob me alsof we al jaren de beste vrienden zijn. En dat wordt gehonoreerd.

Thuis zet ik de reismand naast de kattenbak. Bob duikt er meteen in. Dat kan maar duidelijk zijn. In de woonkamer is het stuk enger. Vanonder de bank begluurt hij mij. Ik lig even op mijn buik en knijp mijn ogen dicht. Dat betekent in kattentaal “het is goed”. Maar Google adviseert mij Bob een tijdje te negeren en vooral niet aan te kijken. Dus zit ik in zijn buurt.

Dan durft hij naar boven. Op de overloop kroelen we even. Hij ziet er angstig en onderdanig uit maar laat zich makkelijk aanhalen.

Vervolgens gaat hij naar de zolder en verschanst zich in het verste hoekje onder het schuine dak. En daar zit hij nog steeds.

Vannacht heeft hij gegeten en aan een spoor van haren zie ik dat hij de zolder heeft verkend.Zolder

Het komt vast goed. Maar dit gaat tijd kosten.

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | 1 reactie

Hugo

“Waarom neem je geen kat?” zei Monique. En samen gingen we kijken naar een nestje in Aalsmeer. De man des huizes zette een rood spartelend bolletje op mijn hand en toen had ik Hugo! Of Hugo mij…

HugoOmdat ik net als zzp-er was begonnen had ik alle tijd om Hugo op te voeden. En dat heb ik ook zeker geprobeerd. Hij mocht niet op het aanrecht, niet van mijn bord eten, niet in mijn bed slapen, niet, niet, niet… Na een half jaar sprong hij op het aanrecht, pikte hij van mijn bord, sliep naast me en deed precies waar hij zin in had.

Wat kun je vreselijk veel van zo’n beestje houden zeg!

Hugo was gek op visite. Als de bel ging was hij eerder bij de deur dan ik.
Als ik thuis kwam hoorde hij dat aan mijn gehakte voetstappen en glipte hij mee naar binnen. Er werd dan uitgebreid geknuffeld. Apporteren deed hij ook! Ik gooide zijn balletje weg en hij kwam het weer terugbrengen.

Hij checkte regelmatig of ik in de buurt was. Als ik op de bank zat sprong hij op de leuning en moest ik aaien. Of hij ging bovenop mijn laptop liggen. In de tuin zat hij onder mijn stoel, of op schoot.

Nu, in het voorjaar werd ik zeer behendig in het verwijderen van haren van mijn meubels en kleding. De stofzuiger maakte overuren.

Hij had zo’n lief koppie…

Had.

Vanmorgen kwam de buurvrouw aan de deur. “Is Hugo binnen?” vroeg ze. En ik wist het meteen! Samen liepen we naar het eind van de straat. De dierenambulance kwam net aangereden. Ik vroeg nog: “Hij is dood he..?”

Ik heb hem naar huis gedragen en lang vastgehouden. Hij was nog zo warm. Alsof het niet waar was. De buurvrouw haalde een schep en liet mij het gat graven. En weer dichtmaken…

Hugo…

Geboren op 5 juli 2014 en vandaag is het 11 mei 2016.

Geplaatst in Van belevenissen onderweg | 3 reacties

Dat kán gewoon!

Mijn moeder had een eigen zaak, én ze was handig. Zij werkte hard en kon geen “nee” zeggen. Zij mopperde zich door de dag. Ik kreeg met de paplepel ingegoten dat klanten lastig zijn en misbruik van je maken. Naast het klagen vergat ze niet om mij ervan te overtuigen dat ik vooral niets moest leren. En ik moest zeker niet handig worden want dan komen er mensen op je af die iets van je willen… altijd maar van jouw handigheid willen profiteren. Een goede man… dat zou het beste zijn.

Ik ging naar de Kweekschool waar ik mijn diploma haalde voor “juf”. Omdat ik zelf nog niet eens echt kind was geweest, leek het mij géén goed idee om voor de klas te gaan staan. Maar ik wilde wél het huis uit.

Mijn ervaring met de buitenwereld was lang niet zo negatief als mijn moeder mij had voorgespiegeld. Op de politieschool ging een nieuwe wereld voor mij open. Hordes leuke jonge mannen namen me mee op sleeptouw. Zij leerden mij dat ik best de moeite waard was. Mijn verloofde, een veelbelovende beroepsofficier (mijn ouders vonden hem zo’n goede partij), was na drie weken tussen de aspirant-agenten niet langer in beeld.

Ik genoot van het dynamische leven bij de politie. Maar het was niet genoeg. Na een paar jaar surveillancedienst werd ik onrustig. Ik wilde méér betekenen voor de samenleving en werd wijkagent.

Ik trouwde met de leukste agent van het korps en samen kregen wij twee prachtige kinderen. In die tijd was de kinderopvang niet goed geregeld, zeker niet in de onregelmatige dienst en ik stopte met werken. Mijn moeder was tevreden. Ik ook. Voor een poosje. Na vier jaar ging de oudste naar de basisschool en daar was net een vacature voor leerkracht. De hele basisschoolperiode van de kinderen heb ik daar gewerkt. Als juf, maar ook als ICT-coördinator.

Op de dag dat ik van de directeur te horen kreeg dat ik het meer dan prima deed maar dat daar geen beloning tegenover stond besloot ik dat ik weer verder moest. Computers hadden mijn aandacht getrokken en ik dook in de bibliotheek om alles over informatisering te leren. Van het OSI-model tot hexadecimaal rekenen. Ik absorbeerde de inhoud van dikke boeken. Mijn sollicitatiebrief aan een ICT-bedrijf werd gehonoreerd met mijn eerste baan in het bedrijfsleven. Ik begon er als IT-trainer. Tot ik op een dag ik een manager in de gang tegen kwam die mij vroeg: “Wil jij productmanager worden?” Nadat ik volmondig “ja” had gezegd ben ik gaan opzoeken wat dat zou kunnen inhouden.

Vervolgens werd ik salesconsultant, salesmanager, key-accountmanager en commercieel directeur.

Moraal van het verhaal: Zonder risico geen avontuur. Als het kriebelt… ga verder! Dat kán gewoon!Spanningsboog van werk naar werk

Geplaatst in Vrouw, de wereld is van jou! | 2 reacties